Questionmark Perception
Jun 20 2019 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Question

1
Waardoor ontstaat de ascensus medullae?




Question

2
Zijn de volgende stellingen juist of onjuist?

Door ziekte verdwenen spiercellen kunnen uit ongedifferentieerde stamcellen bijgemaakt worden.
Tot zenuwcellen gedifferentieerde cellen houden het vermogen om te delen.
Een kraakbeencel, een zaadcel en een zintuigcel zijn voorbeelden van cellen die niet meer kunnen delen.
Alleen bloed- en botcellen kunnen in een volwassen mens vervangen worden.
Dekcellen kunnen bij verlies bijgemaakt worden.
Stamcellen houden het vermogen hun hele bestaan mitose uit te voeren.




Question

3

Wat is van toepassing op (de groei van) een pijpbeen? Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.




Question

4
Bij de groei en ontwikkeling van de mens treedt differentiatie van cellen op. Wat wordt daarmee bedoeld?




Question

5
Op welk moment in de zwangerschap differentiëren de geslachtsorganen tot mannelijk of vrouwelijk?




Question

6

Zijn de volgende stellingen juist of onjuist?
Het bloed dat door de ductus venosus stroomt, bevat relatief weinig zuurstof.
De stroomrichting van het bloed in de arteriae umbilicales is naar de foetus toe.
Het bloed in de arteriae umbilicalis bevat meer koolstofdioxide dan het bloed in de vena umbilicalis.
De vena umbilicalis bevat zuurstofrijk bloed.
De ductus arteriosus is een verbinding tussen de vena cava superior en de aorta.
Het foramen ovale bevindt zich in het septum cordis ter hoogte van de linker en rechter ventrikel.




Question

7
Wat is van toepassing op de zygote? Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.





Question

8
Zijn de volgende stellingen juist of onjuist?

Zowel endogene als exogene factoren bepalen de groei en ontwikkeling van een mens.
De groei en ontwikkeling van een mens wordt hoofdzakelijk bepaald door exogene factoren.
Tot de exogene factoren die een rol spelen bij de groei en ontwikkeling van een mens behoren goede voeding, milieuomstandigheden en sociale, culturele en economische omstandigheden.
De erfelijke aanleg en de hormonale regeling zijn twee erg belangrijke exogene factoren.
De groei en ontwikkeling van een mens worden hoofdzakelijk bepaald door erfelijke aanleg.




Question

9
Cytostatica zijn stoffen die delende cellen remmen of stoppen in hun activiteit. Ze worden toegediend bij patiënten met een kwaadaardige tumor. Enkele celtypen in het lichaam van een volwassen mens zijn:

1 cellen in de stratum germinativum van de huid
2 neuronen in het centrale zenuwstelsel
3 erytrocyten in het bloed
4 epitheelcellen in de dunne darm.

Op welke van deze celtypen kunnen de cytostatica ook van invloed zijn?




Question

10

Wat is van toepassing op de placenta en de navelstreng? Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.