Questionmark Perception
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen:


Question

1
Op een korte fietsvakantie van vier dagen rijden we gemiddeld 62 kilometer per dag.
De eerste dag rijden we 50 kilometer.
De tweede dag rijden we 82 kilometer.
De derde dag rijden we 72 kilometer.
Hoeveel kilometer rijden we de laatste dag?

Question

2
Welk getal heeft de meeste nullen?

Question

3
Er zijn 1070 kinderen ondervraagd. Ze moesten aangeven wat hun lievelingsdier was. 321 kinderen zeiden: hond.
Welk deel van de grafiek laat dit zien?

Question

4
70 van de 105 automobilisten krijgen minstens één keer per jaar een bekeuring. Welke breuk hoort daarbij?

Question

5
1000 centiliter is liter.

Question

6
Auto a rijdt 1 op 15. (Dat betekent: met 1 liter benzine kan de auto 15 kilometer rijden.) De auto heeft een tank van 35 liter.
Auto b rijdt 1 op 12. De auto heeft een tank van 45 liter.
Welke uitspraak is waar?

Question

7
Welke uitspraak is waar?

Question

8
Wat is de gemiddelde waarde van alle verschillende euromunten?

Question

9
Marco rijdt in 3 kwartier van Appeldam naar Perenbroek.
Josh doet er 1 uur en 5 minuten over.
En Myrte doet er 58 minuten over.
Hoe lang doen zij gemiddeld over deze afstand?

Question

10
Wat is meer?