Questionmark Perception
Oct 22 2018 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen:


Question

1
De vloerbedekking voor de kamer kost € 32 per meter. We kopen 6,75 meter. Hoeveel moeten we betalen?

Question

2
Speerwerpen.
Jonas gooit 18 meter.
Liliane gooit 17 meter.
Martijn gooit 22 meter.
Hoeveel meter gooien ze gemiddeld?

Question

3
Marije is 1,68 m lang.
Bas is 1,72 m lang.
Lieke is 1,76 lang.
Hoe lang zijn ze gemiddeld?

Question

4
De klas krijgt 3 toetsen.
De eerste toets heeft 54 vragen.
De tweede toets heeft 68 vragen.
De drie toetsen hebben gemiddeld 65 vragen.
Hoeveel vragen heeft de derde toets?

Question

5
Hoeveel dagen tellen de eerste 6 maanden van een schrikkeljaar?

Question

6
In groep 7a zitten 23 kinderen. Gemiddeld verkoopt elk kind 15 loten. In groep 7b zitten 27 kinderen. Gemiddeld verkoopt elk kind 13 loten. Welke uitspraak is waar?

Question

7
Een vierkant heeft een omtrek van 44 cm. Hoe groot is de oppervlakte?

Question

8
Auto a rijdt 1 op 15. (Dat betekent: met 1 liter benzine kan de auto 15 kilometer rijden.) De auto heeft een tank van 35 liter.
Auto b rijdt 1 op 12. De auto heeft een tank van 45 liter.
Welke uitspraak is waar?

Question

9
In Dubbeldam wonen 9800 inwoners.
In Enkelvoort wonen 13 300 inwoners.
In Meerbroek wonen 8700 inwoners.
Hoeveel inwoners hebben de dorpen gemiddeld?

Question

10
In Amsterdam is het 7 uur vroeger dan in Peking. Een vliegtuig van Amsterdam naar Peking doet er 9 uur over. Het vliegtuig vertrekt om 15.45 uur Nederlandse tijd uit Amsterdam. Als we aankomen in Peking is het daar . uur.