Questionmark Perception
Feb 21 2019 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen:


Question

1
Drie vriendinnnen staan te praten: Barbara zegt: 25% is de helft van de helft. Nienke zegt: is ongeveer 67% Irene zegt: 75% is hetzelfde als drie kwart. Wat is waar?

Question

2
Er wordt een sponsorloop gehouden. De opbrengst is €2500. 85% van de opbrengst gaat naar een goed doel. Hoeveel houdt de school zelf om de organisatiekosten te betalen?

Question

3
Maaike, Michel en Mikos spitten de schooltuin om. Maaike heeft deel gedaan, Michel en Mikos 40%. Hoeveel procent van de tuin moet nog omgespit worden?

Question

4
De directeur van de school koopt bekers voor het tafeltennistoernooi. Er zijn vier eerste prijzen, vier tweede prijzen en twee derde prijzen.
Een eerste prijs kost €12, een tweede prijs de helft en een derde prijs daar weer de helft van. Wat moet de directeur betalen?

Question

5
Temperaturen:
maandag: -5
dinsdag: -7
woensdag: -9
donderdag: -7
vrijdag: -3
zaterdag: -3
zondag: -1
Wat was de gemiddelde temperatuur in deze week?

Question

6
Een cd kost €22,90. Op elke tweede cd die je koopt, krijg je 10% korting. Eliah koopt 2 cd's. Wat moet hij betalen?

Question

7
Gele knikkers zijn 2 keer zoveel waard als rode. Rode knikkers zijn 3 keer zoveel waard als blauwe. Blauwe knikkers zijn 4 keer zoveel waard als groene. Hoeveel groene knikkers krijg je voor 1 gele?

Question

8
Een doos is 2 dm hoog, 3 dm lang en 2 dm breed. In deze doos worden dobbelstenen verpakt. 1 dobbelsteen is 1cm x 1cm x 1cm. Hoeveel dobbelstenen passen er in de doos?

Question

9
Joris en z'n vader gaan mat de auto naar oma. Het eerste half uur rijden ze gemiddeld 80 kilometer per uur. Daarna rijden ze nog een kwartier gemiddeld 60 kilometer per uur. Hoeveel kilometer hebben ze gereden?

Question

10
Gemiddeld drinken de kinderen uit de klas 2 beker melk per dag. Er zitten 24 kinderen in de klas. Hoeveel bekers melk drinken zij samen in een week?