Questionmark Perception
Oct 20 2018 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen:


Question

1
Rhonda haalt de volgende cijfers:
8, 7, 5 en 8.
Wat is haar gemiddelde cijfer?

Question

2
De appels kosten €1,50 per kilo. Joris koopt 2 kilo. Wat moet hij betalen?

Question

3
Maaike, Michel en Mikos spitten de schooltuin om. Maaike heeft deel gedaan, Michel en Mikos 40%. Hoeveel procent van de tuin moet nog omgespit worden?

Question

4
Er wordt een dictee gemaakt. Als je 0 fout hebt, heb je een 10, bij 1 fout een 9, bij 2 fout een 8, enzovoort. Een 6 is nog voldoende.
In een klas van 25 kinderen zijn in totaal 126 fouten gemaakt.
Wat is waar?

Question

5
We gaan met 15 mensen uit eten. We moeten in totaal €487,50 betalen. Hoeveel moeten we per persoon betalen?

Question

6
Om een vierkant grasveld met een oppervlakte van 36 vierkante meter moeten 3 draden prikkeldraad gespannen worden. Hoeveel meter prikkeldraad is er nodig?

Question

7
Job, Martijn, Youssef en Nicky krijgen gemiddeld €1,50 zakgeld per week. Job en Martijn krijgen ieder even veel. Youssef krijgt 2 keer zoveel als Nicky. Nicky krijgt 1 euro. Hoeveel Krijgt Job?

Question

8
Een schaatser rijdt 500 meter in 36 seconden. Hoeveel kilometer rijdt hij met deze snelheid in een uur?

Question

9
Temperaturen:
maandag: -5
dinsdag: -7
woensdag: -9
donderdag: -7
vrijdag: -3
zaterdag: -3
zondag: -1
Wat was de gemiddelde temperatuur in deze week?

Question

10
Gemiddeld drinken de kinderen uit de klas 2 beker melk per dag. Er zitten 24 kinderen in de klas. Hoeveel bekers melk drinken zij samen in een week?