Questionmark Perception
Oct 16 2018 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Question

1
Hier staan de organisatieniveaus die je binnen de functionele anatomie kunt onderscheiden. Zet ze in de goede volgorde; begin bij de kleinste functionele eenheid en eindig bij het meest complexe organisatieniveau.





Question

2
Welke functie(s) kan water in het lichaam hebben?




Question

3
Zijn de volgende stellingen juist of onjuist?

Een orgaanstelsel bestaat uit meerdere organen.
De nier is een voorbeeld van een orgaanstelsel.
Een orgaan kan maar uit één type weefsel bestaan.
Functiesystemen en orgaanstelsels vertegenwoordigen hetzelfde organisatieniveau binnen de functionele anatomie.




Question

4
Wat verstaat men onder homeostase?




Question

5
Kies het juiste antwoord.





Question

6
Hoeveel liter water zit er ongeveer in het lichaam van de standaardmens?





Question

7
Waar bevindt zich het meeste water in het lichaam van de standaardmens?




Question

8
Welke van de hier genoemde functies zijn niet van toepassing op het circulatiestelsel?
Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.




Question

9
Zijn de volgende stellingen juist of onjuist?
De afvalstoffen die het urinewegstelsel uitscheidt zijn onder andere ureum, zouten en koolstofdioxide.
In de longen wordt koolstofdioxide uit het u.m. opgenomen en aan het i.m. afgegeven.
De door de schildklier afgegeven hormonen worden door het darmkanaal naar de cellen vervoerd.
In de hersenen wordt koolstofdioxide opgenomen in het bloed en zuurstof afgestaan aan de hersencellen.




Question

10
Welke van de genoemde stelsels zijn vegetatieve orgaanstelsels?





Question

11
Zijn de volgende stellingen juist of onjuist?

De temperatuur van badwater neem je waar door middel van vegetatieve sensoren.
De huid is te beschouwen als een functiesysteem.
Het op elkaar afstemmen van de vegetatieve functies noem je vegetatieve sensoriek.
Voortplanting is een vegetatieve functie.
Vegetatieve functies zijn functies die ten dienste staan van het levensonderhoud van cellen.
Transport van voedingsstoffen naar de cellen is de taak van het spijsverteringsstelsel.




Question

12
Sleep de juiste letter naar de juiste plaats. 


a opname van voedingsstoffen vanuit het uitwendige milieu (m.i.)
b inademing / uitademing
c ontlasting
d hart
e zuivering van het bloed
f longen
g opname van zuurstof in het bloed/ afgifte van koolstofdioxide aan de longen
h nier
i uitwisseling tussen bloed en inwendige milieu (m.i.) van de weefselcellen
j overdracht van voedingsstoffen aan het bloed




Question

13
Voedingsstoffen worden via de wand van de dunne darm opgenomen in het bloed. Via welk stelsel bereiken deze voedingsstoffen uiteindelijk de cellen?




Question

14
Sleep elk begrip naar de juiste plaats.




Question

15
Welke stelsels zijn verantwoordelijk voor de vegetatieve regulatie?





Question

16
Kies het juiste antwoord.




Question

17
Wat is niet van toepassing op animale integratie?
Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.




Question

18
Hoe is de zelfhandhaving van de mens mogelijk?




Question

19
Welk orgaanstelsel is met name toegerust voor de soorthandhaving van de mens?




Question

20
Kies het juiste antwoord.