Questionmark Perception
Jul 17 2019 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen.


Question

1
Ik heb een doos van 8 bij 12 bij 6 cm. Ik heb blokjes van 2 bij 2 bij 2 cm. Er passen blokjes in de grote doos.

Question

2
De kamer is 3 bij 3,60 meter. Ik heb vloertegels van 60 bij 60 cm. Hoeveel tegels heb ik nodig om de vloer van de kamer te bedekken?

Question

3
1 l is ml.

Question

4
Het plafond heeft een oppervlakte van 32 vierkante meter en moet gewit worden. Er moet wel 3 keer een laag latex overheen, voordat het goed wit is. Een bus latex is goed voor 10 vierkante meter. Hoeveel bussen heb je nodig?

Question

5
De oppervlakte van een vierkante kamer is 12,25 meter. Wat is de omtrek?

Question

6
liter is 350 cl.

Question

7
Een vierkante hal heeft een oppervlakte van 6,25 vierkante meter. Wat is de omtrek?

Question

8
Een lantaarnpaal is 4 m lang. Zijn schaduw is op dit moment 5 m lang. Naast de lantaarnpaal staat een man van m lang. Zijn schaduw is 2,40 m lang.

Question

9
Een vierkante kamer heeft een omtrek van 18 meter. Wat is de oppervlakte?

Question

10
Joris van 1,50 m staat naast een boom. De schaduw van Joris is 2,25 m, de schaduw van de boom is 12 m. De boom is m hoog.