Questionmark Perception
Jun 19 2019 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen.


Question

1
Op welke dag begint de lente?

Question

2
Een voetbalwedstrijd duurt twee keer drie kwartier. Tussen de beide helften is er een kwartier pauze. De wedstrijd begint om kwart voor twee. Hoe laat is de wedstrijd afgelopen?

Question

3
Wat geeft de tijd het meest nauwkeurig aan?

Question

4
Marianne heeft op woensdag anderhalf uur voetbaltraining. Van huis naar de club is een half uur fietsen. Voor het omkleden voor en na de training heeft ze bij elkaar 25 minuten nodig. Ze gaat om 13.00 uur van huis. Hoe laat is ze weer thuis?

Question

5
Martijn loopt 4 kilometer per uur. Hij wandelt elke avond van de avondvierdaagse 10 km. Hoe lang heeft hij in totaal gewandeld?

Question

6
Hoeveel seconden zitten er in 10 en een halve minuut?

Question

7
Hoeveel minuten is 540 seconden?

Question

8
Wat gebruik je om de tijd van een 100 meter sprint hardloopwedstrijd op te nemen?

Question

9
Ard rijdt een schaatswedstrijd in 30,98 seconde. Jochem rijdt de wedstrijd in 30,93 seconde. Hoeveel tijdsverschil zit er tussen?

Question

10
Andrea loopt 11 kilometer met een gemiddelde snelheid van 4 km per uur. Ze houdt halverwege een pauze van 20 minuten. Ze vertrekt om 11 uur. Hoe laat komt zij aan?