Questionmark Perception
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen.


Question

1
Een sprinter rent 100 meter zo hard als hij kan. Wat is waar?

Question

2
Een afwas in de afwasmachine duurt 130 minuten. Hij wordt om 18.35 uur aangezet. Hoe laat is de afwas klaar?

Question

3
Welke jaren zijn geen schrikkeljaren?

Question

4
Hoe nauwkeurig wordt een schaatswedstrijd over 500 meter geklokt?

Question

5
Martijn loopt 4 kilometer per uur. Hij wandelt elke avond van de avondvierdaagse 10 km. Hoe lang heeft hij in totaal gewandeld?

Question

6
Een voetbalwedstrijd duurt twee keer drie kwartier. Tussen de beide helften is er een kwartier pauze. De wedstrijd begint om kwart voor twee. Hoe laat is de wedstrijd afgelopen?

Question

7
Hoeveel seconden zitten er in 10 en een halve minuut?

Question

8
Mieke loopt 4 km per uur. Ze woont 1,5 km van school. Ze gaat tussen de middag naar huis. Hoelang wandelt zij per dag?

Question

9
Hoeveel minuten is 540 seconden?

Question

10
Het is twaalf uur 's nachts. Hoe ziet dat eruit op een digitale klok?