Questionmark Perception
Oct 23 2018 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen:


Question

1
Erica heeft 7 briefjes van 5 euro en briefjes van 20 euro. Ze heeft in totaal € 215.

Question

2
Josien heeft 7 briefjes van 10 euro, 5 van 5 euro en 1 van euro. In totaal heeft zij € 145.

Question

3
Marya moet € , betalen. Ze geeft € 50. Ze krijgt € 31,80 terug.

Question

4
André moet € 34,50 betalen. Hij geeft € 50. Hij krijgt € , terug.

Question

5
Robert moet € 28,90 betalen. Hij geeft € 100. Hij krijgt € , terug.

Question

6
Thera heeft 29 munten van 2 euro en 12 briefjes van 5 euro. Ze heeft in totaal € .

Question

7
Aisha moet € , betalen. Ze geeft € 100. Ze krijgt € 32,90 terug.

Question

8
Irene heeft briefjes van 5 euro, 5 briefjes van 10 euro en 4 briefjes van 20 euro. Zij heeft in totaal € 145.

Question

9
Lily heeft 8 briefjes van 10 euro , van 20 euro en 1 van 100 euro. Ze heeft in totaal € 220.

Question

10
Sose moet € , betalen. Ze geeft € 50. Ze krijgt € 30,10 terug.