Questionmark Perception
Oct 15 2018 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen:


Question

1
Robert moet € 28,90 betalen. Hij geeft € 100. Hij krijgt € , terug.

Question

2
Ymke heeft 3 briefjes van 20 euro en 7 briefjes van 5 euro. Zij heeft in totaal € .

Question

3
Marya moet € , betalen. Ze geeft € 50. Ze krijgt € 31,80 terug.

Question

4
Dick heeft evenveel briefjes van 5 euro als van 10 euro. Hij heeft in totaal € 90. Hij heeft dan van elk briefjes.

Question

5
Thijs moet € 78,20 betalen. Hij geeft € 100. Hij krijgt € , terug.

Question

6
Sose moet € , betalen. Ze geeft € 50. Ze krijgt € 30,10 terug.

Question

7
Irene heeft briefjes van 5 euro, 5 briefjes van 10 euro en 4 briefjes van 20 euro. Zij heeft in totaal € 145.

Question

8
Thera heeft 29 munten van 2 euro en 12 briefjes van 5 euro. Ze heeft in totaal € .

Question

9
Marjet moet € , betalen. Ze geeft € 100. Ze krijgt € 18,40 terug.

Question

10
Erica heeft 7 briefjes van 5 euro en briefjes van 20 euro. Ze heeft in totaal € 215.