Questionmark Perception
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen.


Question

1
Je wilt weten hoeveel laminaat je nodig hebt om in de slaapkamer te leggen. Wat moet je uitrekenen?

Question

2
Jasper is 1,63 m lang.
Jorrit is 1,57 m lang.
Marijke is
, m lang.
Zij zijn gemiddeld 1,57 m lang.

Question

3
Paula koopt 8,5 m stof voor 3 carnavalspakken. De stof kost € 6,50 per meter. Wat kost 1 pak aan stof?

Question

4
Marieke gaat altijd op de fiets naar school. Ze gaat ook tussen de middag naar huis. Ze fietst 8,48 kilometer per dag.
Joran gaat altijd op de fiets naar school, hij gaat niet tussen de middag naar huis. Hij fietst 4,25 kilometer per dag.
Wie woont het verst van school?

Question

5
Wat is het dubbele van 2,08?

Question

6
Een grote kaas weegt 9,5 kg. Hoeveel stukken van 250 g kan je uit deze kaas snijden?

Question

7
Waar of niet waar?
60% van 80 is meer dan 70% van 70.

Question

8
Max heeft 2 keer zoveel knikkers als Emin. Emin heeft 2 keer zoveel knikkers als Myrthe. Myrthe heeft 2 keer zoveel knikkers als Frans. Frans heeft 2 keer zoveel knikkers als Jikke.
Myrthe heeft 24 knikkers. Hoeveel knikkers hebben ze met z'n allen samen?

Question

9
Reken uit.
4,4 + 14,44 =

Question

10
% van de figuur is blauw.