Questionmark Perception
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen.


Question

1
Joris is 1,57 m lang.
Martijn is 1,63 m lang.
Opa is 1,78 m lang.
Gemiddeld zijn ze
m lang.

Question

2
Ward koopt een CD-speler van € 110. Hij krijgt 10% korting. Hij moet € betalen.

Question

3
Hoeveel munten van € 0,20 gaan er in een briefje van € 50?

Question

4
Zes eieren kosten € 0,72. Hoeveel kosten 14 eieren?

Question

5
Wat gebeurt er met de oppervlakte van een rechthoek als zowel de breedte als de lengte verdubbeld wordt?

Question

6
Maak het rijtje af.
- - - l - dal - hl

Question

7
In een nieuwbouwwijk rekent men 1,3 auto per gezin. Wat betekent dit?

Question

8
22% van 150 =

Question

9
28 kinderen uit groep 8 eten samen 6 pizza's
24 kinderen uit groep 7 eten samen 5 pizza's.
Wat is in ieder geval waar?

Question

10
Hoeveel dagen hebben de maanden in een schrikkeljaar gemiddeld?