Questionmark Perception
Help
Change contrast
Change font size

Question

1

Je staat in een kledingzaak en kijkt in de spiegel.

Welke bewering klopt?

Question

2
Welke bewering is de juiste?

Question

3
Je ziet hier een bouwwerk gemaakt met 7 dobbelstenen. Vanuit aanzicht D kun je niet exact het aantal ogen weten.

Wat is het minimale aantal ogen vanuit D?

Question

4
Als deze figuur op een twee keer zo grote schaal getekend wordt, hoeveel groter wordt dan de oppervlakte?

Question

5
Afgelopen zomer is er veel regen gevallen. Zo ook in Roosendaal, waar een dak met een oppervlakte van zo'n 1000 vierkante meter instortte onder het gewicht van het water, dat niet snel genoeg kon weglopen in de regenafvoer.

Stel je voor, dat het water vlak voor het instorten twee centimeter hoog stond op het hele dak van de sporthal, welke van onderstaande berekeningen is dan de juiste?

Question

6
Het zwembadje in de tuin wordt gevuld met emmers waters.

Het badje heeft een lengte van 2 m, een breedte van 1 meter en een hoogte van 50 cm. In één emmer kan 8 liter.

Hoeveel emmers water passen er in het zwembad?

Question

7
De formule voor de omtrek van een cirkel luidt:
Omtrek = 2 x π x straal
Wat is ongeveer de middellijn van een cirkel met een omtrek van 1 m?

Question

8
Welke piramide hoort NIET bij deze bouwplaat?

Piramide
kun je niet maken van deze bouwplaat.

Question

9
Naïma rijdt op de snelweg naar het zuiden. Bij het knooppunt Hoevelaken slaat hij af, zoals op de afbeelding is aangegeven.
Welke beschrijving is juist?

Question

10
Een auto rijdt met een snelheid van 108 km/uur. Langs de weg staat een waarschuwing:
'Houd 2 seconden afstand!' (Dat wil zeggen: 'Zorg voor een onderlinge afstand die je met deze snelheid in 2 of meer seconden aflegt'.)

Welke afstand moet deze auto minstens tot zijn voorganger houden?