Questionmark Perception
Feb 21 2019 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen:


Question

1
Steeds 10 keer zo klein.
Maak het rijtje af.
50 000 -
- - -

Question

2
dm = 30 m

Question

3
Lolke heeft 4 briefjes van 10 euro, van 5 euro en 1 van 20 euro. Hij heeft in totaal € 75.

Question

4
Wahan heeft briefjes van 5 euro, 2 van 10 euro en 1 van 50 euro. Hij heeft in totaal € 85.

Question

5
10 = 1 m

Question

6
Steeds keer 10.
Maak het rijtje af.
5 - 50 -
- -

Question

7
Murat moet € 46,40 betalen. Hij geeft € 100. Hij krijgt € , terug.

Question

8
10 ml = 1

Question

9
100 = 1 l

Question

10
Robert moet € 28,90 betalen. Hij geeft € 100. Hij krijgt € , terug.