Questionmark Perception
Help
Change contrast
Change font size

Question

1

Zijn de volgende stellingen juist of onjuist?

De atlas heeft geen corpus vertebrae.
Bij ja knikken bewegen atlas en draaier ten opzichte van elkaar.
De draaier roteert bij nee schudden rond de dens van de atlas.
De atlas is de eerste halswervel.
De draaier is de tweede halswervel.




Question

2

Sleep elk begrip naar de juiste plaats.




Question

3

In welke type beenderen vind je epifysaire schijven?




Question

4

Maak de zinnen compleet. Vul in: piramidebanen of extrapiramidale banen.

zijn homolateraal afdalende banen.
zijn heterolateraal afdalende banen.
De
verzorgen de grove motoriek.
De fijne motoriek wordt verzorgd door de
.
treden aan de ene kant het ruggenmergsegment binnen en verlaten het ruggenmergsegment aan de andere kant.
Een groot deel van de
kruisen in de mediaanlijn nog voordat ze het ruggenmerg in gaan.




Question

5

Sleep elk begrip naar de juiste plaats.




Question

6

Sleep elk begrip naar de juiste plaats.




Question

7

Wat zijn haverskanalen?




Question

8
Maak de zinnen compleet. Kies de juiste antwoorden.

Met de kunnen de lensbanden aangetrokken worden.
De plaats waar de N. opticus de oogbol verlaat wordt
genoemd.
Door ontspanning van de
wordt de doorsnede van de iris kleiner.
De achtergrond van het oog wordt
genoemd. Deze is bij het oogspiegelen zichtbaar.
De plaats van de retina waar zich uitsluitende kegeltjes bevinden, heet de

Door ontspanning van de
wordt de doorsnede van de pupil groter.




Question

9

Hoeveel schedelbeenderen heeft de hersenschedel?




Question

10

Sleep elk begrip naar de juiste plaats.