Questionmark Perception
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Beantwoord onderstaande vragen.


Question

1
Geef de naam van het volgende leesteken.

- =

Question

2
Wat is de juiste spelling?

Question

3
Haar favoriete soap is begonnen.

Question

4
Het schoolreisje. (organiseren)

Question

5
Zet in de verleden tijd.

het
(roesten)

Question

6
Voltooid deelwoord of niet?

gevlucht

Question

7
Krijgt het voltooid deelwoord een -d of een -t?

gegolf

Question

8
Is de volgende stelling juist of niet juist?

Na een dubbele punt volgt altijd een hoofdletter.

Question

9
Tussen -n of niet?

Question

10
Maak het voltooid deelwoord.

barbecuen -

Question

11
De slopers het oude gebouw af. (breken)

Question

12
Hoofdletter of niet?

Question

13
Wat is de juiste spelling?

Question

14
In wat voor soort woorden worden accenttekens gebruikt?

Question

15
Streepje of niet?

Question

16
Zet in het meervoud.

airco =

Question

17
Zet in het meervoud.

expo =

Question

18
Is de volgende stelling juist of niet juist?

Academische titels krijgen geen hoofdletters.

Question

19
" jij het eiwit van het eigeel al?" (scheiden vt)

Question

20
Getal in cijfers of woorden? Vul de juiste schrijfwijze in.

Dat huis is minstens
jaar oud. (100)

Question

21
Wat is het juiste meervoud?

chemicus

Question

22
Zet in de verleden tijd.

jij
(wieden)

Question

23
gedaante + wisseling =

Question

24
Schrijf het rangtelwoord uit.

In Amerika hebben flats geen
verdieping, want niemand wil daar wonen. (13e)

Question

25
Tussen -s of niet?

appel + sap =

Question

26
Welke schrijfwijze is niet juist?

Question

27
Wat is de juiste spelling?

Question

28
Geef de gebiedende wijs.
(bellen)
06-88459782

Question

29
Welke van de volgende woorden is een infinitief?

Question

30
Wat is de juiste spelling?