Questionmark Perception
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen:


Question

1
Er zijn kaartjes verkocht voor de schoolvoorstelling. De opbrengst is 1000 euro. Kinderen betaalden € 2 voor een kaartje en volwassenen € 3.
Er zijn evenveel kinderen als volwassenen gekomen. Dus zijn er in totaal
kaartjes verkocht.

Question

2
Van een vierkant is elke zijde 100 cm lang. De oppervlakte van dit vierkant is cm2.

Question

3
1000 centiliter is liter.

Question

4
Het is nu 13.50 uur. Hoe laat is het over 1000 minuten?

Question

5
1 kilo is 1000 .

Question

6
Door welke getallen kun je 100 delen?
Er zijn meer antwoorden mogelijk.

Question

7
Hoe noemen we een periode van 1000 jaar?

Question

8
100 meter noemen we een .

Question

9
100 decimeter is centimeter.

Question

10
100 euro kun je betalen met muntjes van 2 eurocent.