Questionmark Perception
Jul 17 2019 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen:


Question

1
100 decimeter is centimeter.

Question

2
Er zijn kaartjes verkocht voor de schoolvoorstelling. De opbrengst is 1000 euro. Kinderen betaalden € 2 voor een kaartje en volwassenen € 3.
Er zijn evenveel kinderen als volwassenen gekomen. Dus zijn er in totaal
kaartjes verkocht.

Question

3
Hoeveel dagen is 1000 uur?

Question

4
2 x x 5 x 2 = 100

Question

5
(8 + 9 + 10 + 11 + 12) x = 100

Question

6
Welke uitspraak is waar?

Question

7
Het is nu 13.50 uur. Hoe laat is het over 1000 minuten?

Question

8
Welk getal zit het dichtst bij 1000?

Question

9
Welke uitspraak is waar?

Question

10
1000 meter noemen we een .