Questionmark Perception
Oct 20 2018 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Question

1

Zijn de volgende stellingen juist of onjuist?

Bij toename van het glucagongehalte daalt de glucoseconcentratie in het bloed.
Glycogeen wordt onder invloed van insuline afgebroken.
Insuline bevordert de glucoseopname in de cellen.
Glycogeenopslag vindt voornamelijk in de lever plaats.
Insuline stimuleert de vorming van glycogeen.
Als de bloedsuikerwaarde te laag is, neemt de glucagonproductie toe.




Question

2
Waarom is het noodzakelijk dat het corpus luteum na de nidatie blijft bestaan?




Question

3
Wat is van toepassing op melatonine? Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.





Question

4
Zijn de volgende stellingen juist of onjuist?
Neurale regulatie van de bloeddruk vindt plaats via zenuwen van het animale zenuwstelsel.
Het vasomotorisch centrum wordt teruggekoppeld door middel van sensorische informatie vanuit het hart.
Het vasomotorisch centrum maakt deel uit van het vegetatieve zenuwstelsel.
Het hartregulatiecentrum ligt in de wand van de arcus aortae.
Het vasomotorisch centrum ligt in het verlengde merg.




Question

5
Sleep elk begrip naar de juiste plaats.





Question

6

Wat is van toepassing op de membraanpotentiaal en impulsopwekking in een neuron? Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.





Question

7

Uit welk type neuronen bestaan de voorhoorns van het ruggenmerg hoofdzakelijk?




Question

8

Waar in het lichaam bevinden zich temperatuurgevoelige sensoren?




Question

9

Sleep elk begrip naar de juiste plaats.




Question

10

Als een moeder haar baby borstvoeding geeft, treedt de toeschietreflex op. Wat is de prikkel voor deze reflex?