Questionmark Perception
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Maak de sommen.


Question

1
1 l is ml.

Question

2
Ik heb een doos van 8 bij 12 bij 6 cm. Ik heb blokjes van 2 bij 2 bij 2 cm. Er passen blokjes in de grote doos.

Question

3
Sandra verzamelt dobbelstenen. Ze koopt een serie van 15. Per stuk kosten ze € 1,25. Sandra betaalt € .

Question

4
De lengte van een kamer is twee keer zo lang als de breedte. De omtrek is 24 meter. Hoe breed is de kamer?

Question

5
Steeds het dubbele.
3,33 - 6,66 - 13,32 -
- -

Question

6
De kamer is 4 bij 4,80 m. Er liggen vloertegels van 40 bij 40 cm. Een derde van de tegels is blauw, de rest is grijs. Hoeveel grijze tegels liggen er?

Question

7
8% van de mensen spreekt dagelijks Engels. Hoeveel zijn dat er op elke 10 000?

Question

8
1000 cl is l.

Question

9
Hoeveel is 3% van 50?

Question

10
Een kamer is 5 bij 5 meter. Ik heb vloerbedekkingtegels van 50 bij 50 cm. Hoeveel heb ik er nodig om de kamervloer te bedekken?