Questionmark Perception
Dec 14 2018 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Introduction

Beantwoord onderstaande vragen.


Question

1
Zet in de verleden tijd.

jullie
(praten)

Question

2
Welke van de volgende woorden is een infinitief?

Question

3
Hoofdletter of niet?

Question

4
Maak het voltooid deelwoord.

yellen -

Question

5
Krijgt stad+kantoor een tussen -s of niet?

Question

6
Het kind. (liefkozen)

Question

7
Wat is de juiste spelling?

Question

8
Ik om iets op te rapen. (buigen vt)

Question

9
De voicemail meestal de telefoon. (beantwoorden)

Question

10
De vrijgezel. (kussen)

Question

11
Geef de naam van het volgende leesteken.

è =

Question

12
Streepje of niet?

Question

13
Wat is de juiste spelling?

Question

14
Wat is de juiste spelling?

Question

15
Marloes van al dat huiswerk. (balen vt)

Question

16
'zijn' is een:

Question

17
Zet in het meervoud.

filosofie =

Question

18
Wat is de juiste spelling?

Question

19
Wat is de juiste spelling?

Question

20
Wat is het juiste meervoud?

centrum

Question

21
We hebben een nieuwe (reken+methode) voor groep 8.

Question

22
Welke schrijfwijze is niet juist?

Question

23
Schrijf in woorden.

19 =

Question

24
Hoofdletter of niet?

Question

25
Tussen -s of niet?

staat + secretaris =

Question

26
Waar komt de hoofdletter?

Zondag komt koningin beatrix.

Question

27
Wat is de juiste spelling?

Question

28
Wat is de juiste spelling?

Question

29
Schrijf in woorden.

133 =

Question

30
Zet in het meervoud.

industrie =