Questionmark Perception
Oct 16 2018 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Question

1
Bekijk onderstaande afbeelding.


Vul achter elk cijfer het juiste begrip in.





Question

2
Welke van de hier genoemde klieren is endocrien?




Question

3
Zijn de volgende stellingen juist of onjuist?
Verdubbeling van de chromatiden vindt plaats vlak voor ze vanuit het equatoriale vlak uit elkaar worden getrokken.
Een cel met 2 x 23 chromosomen is een diploïde cel.
De functie van het centrosoom is de vorming van trekdraden tijdens de mitose.
Tijdens de celcyclus duurt de delingsfase altijd veel langer dan de groeifase.
Alle cellen in het menselijk lichaam bevatten 46 chromosomen.




Question

4
Waarom wordt bloed tot de steunweefsel gerekend?




Question

5
Vul in: anabole of katabole

Biochemische reacties in de cel waarbij grotere moleculen in kleinere worden omgezet en waarbij energie beschikbaar komt noem je
reacties.
Biochemische reacties in de cel waarbij kleinere moleculen in grotere worden omgezet en waarbij energie nodig is noem je
reacties.
Als in de cel assimilatie plaatsvindt gaat dat gepaard met
reacties.
Als in de cel dissimilatie plaatsvindt gaat dat gepaard met
reacties.




Question

6
In welke richting zwiepen de cilia in de luchtwegen slijm weg?




Question

7
Zijn de volgende stellingen juist of onjuist?

Vetweefsel in de handpalmen dient uitsluitend als warmte-isolator.
In de wand van arteriën zit vooral elastisch bindweefsel.
Een pees is voornamelijk opgebouwd uit collagene vezels en daardoor niet rekbaar.
Vetweefsel vind je wel in onderhuids bindweefsel en rondom de nieren, maar niet rondom de andere buikorganen.
In gewrichtsbanden zit voornamelijk elastisch bindweefsel.




Question

8
Zijn de volgende stellingen juist of onjuist?
Een zenuwcel heeft meerdere dendrieten, maar slechts één axon.
De impulsrichting in de axon is van het zenuwcellichaam af.
De dendrieten van zenuwcellen zijn omgeven door een myelineschede.
Gliacellen zijn gespecialiseerde neuronen.
De myelineschede rond een axon wordt door het neuron zelf gevormd.




Question

9
Wat is een functie van de celkern?




Question

10
Vul achter elk cijfer het juiste begrip in.