Questionmark Perception
Jul 20 2019 |
Logged in as : test
Help
Change contrast
Change font size

Question

1
Benoem het onderstreepte zinsdeel.
Mijn juf kan mooi voorlezen.

Question

2
Wat is één zinsdeel?
De meisjes zingen een vrolijk liedje.

Question

3
Welk zinsdeel is ‘jullie’?
Willen jullie sommen maken?

Question

4
Welk zinsdeel is ‘moeten’?
De leerkrachten moeten schriften nakijken.

Question

5
‘Kopen’ is een zelfstandig werkwoord.

Question

6
Benoem het onderstreepte zinsdeel.
Die vrouw is een heks.

Question

7
Benoem het onderstreepte zinsdeel.
De kinderen zaten te lachen.

Question

8
Welk zinsdeel is ‘is vrolijk’?
Mijn broer is altijd vrolijk.

Question

9
Benoem het onderstreepte zinsdeel.
De kinderen zaten te lachen.

Question

10
‘Zijn’ kan een zelfstandig werkwoord zijn.

Question

11
Heeft elke zin een onderwerp?

Question

12
Wat is één zinsdeel?
Sanne is morgen jarig.

Question

13
Welk zinsdeel is ‘de leerlingen’?
De leerlingen mogen zingen.

Question

14
Wat is één zinsdeel?
Die bloemen zijn niet te duur.

Question

15
Welk zinsdeel is ‘willen maken’?
Willen jullie sommen maken?